op stap met een knipoog naar het verleden

Kijkpunten: Westkapelle, Poppekerke, Boudewijnskerke en                      Werendijke 

Gekrompen dorpen                                             Walcheren is het “eiland” waar van alle eilanden in Zeeland de meeste dorpen gekrompen zijn tot gehuchten of nog minder. Het proces van achteruitgang werd vooral in gang gezet toen eenmaal de kerk verdwenen was. De Stichting Landschapsbeheer Zeeland heeft er alles aan gedaan om deze dorpen weer beleefbaar te maken. De bebouwde-komborden hebben een eigen lay-out gekregen, er zijn informatieborden geplaatst en door middel van doorkijkvensters waan je je terug in de tijd.

1. Westkapelle 

De vondst van een Romeinse grafsteen doet vermoeden dat op de uiterste westpunt van Walcheren een Romeinse nederzetting was. Waarschijnlijk is het gebied na de Romeinse tijd ontvolkt.
Walcheren, en met name Westkapelle, werd in de vroege middeleeuwen het centrum van de Willibrordverering. De Engelse zendeling kwam in het jaar 690 naar Walcheren om er, evenals in de rest van Nederland, het christendom te verkondigen.  

Na de rooftochten van de Noormannen te hebben doorstaan breekt er in Westkapelle een zekere welvaart aan. Het wordt een belangrijke haven en vissersplaats en krijgt in 1223 stadsrechten. Maar de welvaart wordt bedreigd door degene die het ook verwoestte: de zee. Westkapelle is twee maal verwoest en herbouwd. Het eerste stadje verdween in 1368 in het water. Verder landinwaarts bouwde men een nieuwe nederzetting die al heel snel daarna, in 1377, opnieuw door de zee werd verwoest. 

In 1432 werd een nieuw dorp met aan de uiterste oostzijde een nieuwe kerk met een bakstenen toren, de Willibrorduskerk, gebouwd. Na verwoesting in de Tachtigjarige oorlog en een brand in 1831 bleef alleen de toren over. Begin 1800 werd van de kerktoren een vuurtoren gemaakt.
Omdat er dus sprake is van drie Westkapelles, bestaat het stadswapen ook uit drie burchten.

2.  Poppekerke

Poppekerke, hoogstwaarschijnlijk genoemd naar een plaatselijke ambachtsheer, wordt in 1271 voor het eerst genoemd. De aan Sint Petrus gewijde kerk raakte waarschijnlijk beschadigd tijdens het beleg van Middelburg (1572 – 1574); herstel daarna bleef uit. Het gebied van de parochie werd na de Reformatie bij dat van de hervormde gemeente van Westkapelle gevoegd. De ruïne van de kerk werd in de 19e eeuw afgebroken. Rond 1953 werden de fundamenten verwijderd en het terrein van het vroegere kerkhof geëgaliseerd waardoor het niet meer herkenbaar is. Ook werd toen de nabijgelegen vliedberg afgegraven.
Het doorkijkvenster laat zien hoe Poppekerke er omstreeks 1550 uitzag. De kerk is omgeven door een kerkhof met lage muur. Links is de later afgegraven vliedberg te zien.

3. Boudewijnskerke

Bouwdewijnskerke wordt voor het eerst in 1235 genoemd. De Middelburgse Abdij bezat er een “uithof”, de Noordtiende, bestemd voor de opslag van het door de boeren afgestane tiende deel van hun oogst. De aan Sint Nicolaas en Sint Maarten gewijde kerk werd tijdens het beleg van Middelburg verwoest. In of kort na 1525 werd de ruïne van de kerk voor een groot deel afgebroken. Het afbraakmateriaal werd gebruikt voor het herstel van fort Rammekens. Het gebied van de parochie werd na de Reformatie bij de hervormde gemeente van Zoutelande gevoegd.
De kerktoren werd in de 17e eeuw vernieuwd om dienst te doen als baken voor de scheepsvaart, maar werd rond 1871 afgebroken. De plaats van het vroegere kerkhof is nog te herkennen aan het hogere perceel langs de weg tussen de huisnummers 16 en 24. De negen meter hoge vliedberg is een cultuur historisch monument. 

4. Werendijke

Op en rond de plaats van de boerderij en minicamping Werendijke lag in de Middeleeuwen het dorpje of gehucht Werendijke. Het bestond uit het vrouwenklooster Porta Coeli (Hemelpoort), een kerk en waarschijnlijk ook enkele boerderijen. Het klooster is tijdens de Middeleeuwen al opgegeven en de kerk is tijdens het beleg van Middelburg in 1572-1574 door de Spanjaarden verwoest. Door geofysisch bodemonderzoek werden oude wegen, de oude kerkhofmuur, delen van de funderingen van de kerk en mogelijk ook de plaats van de vliedberg die bij het dorpje heeft gelegen traceerbaar.
Er is een doorkijkscherm geplaatst bij de akker. Bij de entree van mini-camping & kloostertuin Werendijke is het klooster uit 1249 weergegeven in een mozaïek. Loop hiervoor even de oprijlaan in tot de receptie. 

5. Willibrordusput

Willibrord zette vermoedelijk voet aan wal bij de oude nederzetting Walichrum, iets ten noorden van het huidige Domburg. Volgens de legende treft hij daar een afgodsbeeld aan van de Romeinse God Mercurius. Dat kon natuurlijk niet en hij slaat het beeld aan gruzelementen waar de bewaker bijstaat. Deze slaat in grote woede Willibrordus met zijn zwaard op zijn hoofd. 

Zijn bloed drupt op een losgeslagen stuk steen van het beeld, dat later als brokstuk wordt bewaard in de voet van het altaar van de Willibrorduskerk. Steeds meer mensen bezoeken de kerk waar ook andere relieken worden bewaard. Zo wordt Westkapelle een bedevaartplaats en is dat gebleven tot het midden van de 16e eeuw.
Wonderverhalen rond Willibrord doen nog altijd de ronde. Op meerdere plekken zou Willibrord wonderen hebben verricht en waterputten hebben laten ontstaan. Naar de legende wil, liet hij ook zo’n put verrijzen in Zoutelande. Willibrord zou ook het dorp zelf hebben gesticht. Toen bleek dat de bevolking gebrek aan drinkwater had en het dorp daardoor niet tot bloei kwam, trok Willibrord met zijn staf een kruis in de aarde. Direct welde er een zoetwaterbron op. Op deze plek werd de Willibrordusput gebouwd.